menu

Terug naar Editorials

Financiele compensatie voor Koreaanse milieu-asbestslachtoffers. Delegatie op bezoek bij het IAS.

Per 1 januari 2011 komen Zuid-Koreaanse milieu-asbestslachtoffers met mesothelioom, longkanker, asbestose en andere asbestgerelateerde ziekten in aanmerking voor financiele compensatie van medische kosten, overlijdenskosten, een nabestaandenuitkering en een vorm van smartengeld via de overheid. Er bestaat al een vergoedingsregeling voor werknemers met deze ziekten. Ter voorbereiding van het Asbestcompensatiefonds was een delegatie begin november op bezoek bij het IAS.
Financiele compensatie voor Koreaanse milieu-asbestslachtoffers. Delegatie op bezoek bij het IAS.

Zuid-Korea en milieuschade asbest
De enorme economische groei in Azië is gepaard gegaan met een gigantisch asbestgebruik. China, India, Japan, Indonesië en ook Zuid-Korea behoren tot de top tien landen in de wereld. Onder invloed van wet- en regelgeving is het asbestgebruik in Japan, maar ook in Zuid Korea de laatste jaren sterk verminderd. Voor de slachtoffers worden, net als in verschillende Europese landen, compensatieregelingen in het leven geroepen. Eerst voor werknemers en nu ook voor slachtoffers die via het milieu zijn blootgesteld aan asbest. Net als in Japan wordt deze problematiek in Zuid-Korea serieus en met inzet van veel middelen aangepakt. Directe aanleiding voor de nieuwe “Korean Asbestos Damage Relief” wet waren onverwachte als ook grootschalige asbestvondsten in 2009. Zo werd in april van dat jaar asbest in baby-talkpoederproducten gevonden. In juni werd bekendgemaakt dat omwonenden van één van de 21(!) asbestmijnen in Zuid-Korea ziek waren geworden. In juli 2009 haalde de overheid producten als rubberballonnen en fietsen met asbest van de markt. Bij een inspectie door het Zuid-Koreaanse ministerie van Onderwijs werd in 99% van de scholen asbest gevonden, deels in beschadigde staat. Vervolgens werd vastgesteld dat in 79% van de Zuid-Koreaanse overheidsgebouwen en in 49% van de metro- en treinstations asbest is verwerkt. Reden genoeg voor de Zuid-Koreaanse overheid om snel in actie te komen en om te zien hoe andere landen, zoals Nederland, deze problemen aanpakken.

Programma studiebezoek
De delegatie bestond uit zes medewerkers van de overheid, voornamelijk van het Ministerie van Milieu, en vier experts van het Zuid-Koreaanse Milieu en Gezondheidsinstituut voor asbestgerelateerde ziekten. Het IAS had op verzoek van het Zuid-Koreaanse ministerie een programma samengesteld dat aandacht besteedde aan de medische kant en het milieu-gerelateerde beleid ten aanzien van asbest in Nederland.
Het programma omvatte verschillende presentaties. Allereerst gaf Simone Aarendonk namens het IAS een toelichting op het werk van het instituut gedurende de afgelopen 10 jaar. Dit met extra aandacht voor de voorbereiding en uitvoering van de TNS-regeling voor niet-loondienstgerelateerde mesothelioomslachtoffers.
Dr. Sjaak Burgers, longarts en voorzitter van de Mesotheliomen werkgroep van de longartsenvereniging NVALT, vertelde over de ontwikkelingen in de diagnostiek van mesothelioom en de medische voorwaarden ten behoeve van het verkrijgen van financiële compensatie via het IAS.
Jan Tempelman, asbestdeskundige van TNO, vertelde over de asbestsituatie in Nederland en de implicaties van het recent verschenen advies van de Gezondheidsraad inzake risico’s van milieu- en beroepsmatige blootstelling aan asbest. Tijdens een rondleiding lichtte hij het werk van het TNO Asbest-expertisecentrum en laboratorium toe, de onderzoeksmethoden en normontwikkeling waaraan TNO werkt.
Voorafgaand aan een bezoek aan een saneringsproject gaf Foppe Gerlsma namens het Projectbureau Saneringsregeling asbestwegen derde fase een toelichting. Het project wordt uitgevoerd binnen een ring van 12 km rondom twee voormalige asbestfabrieken in Goor en Harderwijk. Doel is dat vóór 2012 uit 500.000 m3 vervuilde bodem asbest is verwijderd. Totale kosten: 100 miljoen euro.
René Korenromp, beleidsadviseur van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu ging tenslotte uitgebreid in op het overheidsbeleid ten aanzien van de risicobeheersing van asbest in het milieu.

De Zuid-Koreaanse delegatie toonde zich zeer nieuwsgierig. Alles werd schriftelijk én op de foto vastgelegd. Er werden honderden vragen gesteld naar aanleiding van de inleidingen en het bezoek in Goor. Het feit dat in Nederland nog steeds tienduizenden schuren een dak van asbest hebben en dat daar voorlopig nog weinig tot niets aan wordt gedaan leidde tot grote verbazing. In Zuid-Korea ziet het gedoogbeleid er kennelijk anders uit.

Simone Aarendonk, december 2010