menu

Terug naar Editorials

De totstandkoming van een nieuwe tegemoetkomingsregeling ( Ilse Maas, senior beleidsmedewerker bij het ministerie van VROM)

Gast-editorial door Ilse Maas, senior beleidsmedewerker bij het ministerie van VROM. Zij schrijft over de totstandkoming van de TNS-regeling, de nieuwe regeling voor een financiële tegemoetkoming aan mesothelioomslachtoffers zonder loondienstverband.

Ilse Maas, senior beleidsmedewerker bij het Ministerie van VROM, was in 2007 projectleider voor de zogenoemde TNS-regeling, de nieuwe regeling voor een financiële tegemoetkoming aan mesothelioomslachtoffers zonder loondienstverband. Zij schrijft over de totstandkoming.
Op 10 november 2006 besloot het kabinet ook mensen die mesothelioom hebben gekregen door asbestblootstelling in bijvoorbeeld het milieu een financiële tegemoetkoming te willen geven. Een gewenste beslissing, waaraan een drietal uitgangspunten ten grondslag lag. En die in een jaar tijd, via de nodige procedures en het uitwerken van criteria, tot uitvoering is gebracht.

Drie belangrijke uitgangspunten bij de beslissing

Met het oog op zowel het belang van de slachtoffers als een verantwoorde besteding van overheidsgelden, was een efficiënte uitvoering een eerste uitgangspunt. Dat betekende dat zo veel mogelijk moest worden aangesloten bij de al bestaande TAS-regeling (voor slachtoffers bij wie de ziekte is terug te voeren op asbestblootstelling in een loondienstverband). Er is gekozen voor dezelfde uitvoerders: de Sociale Verzekeringsbank (SVB) als beslisser en het Instituut Asbestslachtoffers (IAS) als ingang voor de slachtoffers. Verder sluit onder andere de hoogte van het bedrag aan bij de TAS.

Een tweede uitgangspunt was dat de overheid met deze regeling niet de verantwoordelijkheid naar zich toetrekt die bij een ander hoort. De tegemoetkoming is geen vervanging voor een schadevergoeding door een aansprakelijke partij. Elke aanvrager verleent de SVB een volmacht om het verstrekte bedrag waar mogelijk te verhalen.

Tot slot was het niet de bedoeling de deur open te zetten voor overheidsvoorzieningen voor andere gevallen van schade via het milieu. De kabinetsbeslissing is beperkt tot het bijzondere geval van mesothelioom: een ziekte die 1-op-1 aan asbest is gerelateerd en die een snel verloop kent, waardoor slachtoffers de uitkomst van een civiele rechtszaak vaak niet meer meemaken.

Drie belangrijke elementen bij de totstandkoming:
procedures, criteria en uitvoering

In de eerste plaats moesten procedures worden doorlopen. Een (nieuwe) bevoegdheid van een minister heeft een wettelijke basis nodig; die moest hier voor de minister van VROM nog worden gecreëerd. Gelukkig maakte het nieuwe kabinet de gewenste constructie van uitvoering door de SVB in opdracht van VROM mogelijk; de regeling kon daarna in een stroomversnelling worden gebracht. De vervolgstappen, waaronder een uitvoeringstoets door de SVB, zijn met extra spoed genomen.

Een tweede element was het opstellen van criteria voor wie in aanmerking komt. Deze komen neer op 1) dat nog niet via een andere weg een tegemoetkoming voor het leed mag zijn ontvangen en 2) dat het slachtoffer een band met Nederland moet hebben. Het eerste betekent: geen recht op de TAS, geen schadevergoeding door een aansprakelijke partij, geen bedrag op grond van een (overheids)voorziening in het buitenland. Het tweede criterium zou idealiter de slachtoffers onderscheiden die ziek zijn geworden door asbestblootstelling in Nederland. Aangezien dat nooit exact is vast te stellen, is gekozen voor voorwaarden waaronder het aannemelijk is dat de blootstelling (in elk geval ook) in Nederland heeft plaatsgevonden. Wanneer een slachtoffer minimaal tien jaar aaneengesloten in Nederland heeft gewoond, wordt dat voldoende geacht om de maatschappelijke verantwoordelijkheid te willen nemen.

Gezien de tijd die was gemoeid met het uitwerken van de regeling, is gekozen voor een overgangsperiode vanaf het moment van het principebesluit van het kabinet. Voor slachtoffers die sinds die datum al zijn overleden kunnen hun nabestaanden een aanvraag indienen. Mogelijk hebben er nabestaanden op een uitgebreidere “terugwerkende kracht” gehoopt. Dat is altijd een lastig punt: wanneer je besluit iets voor de toekomst te verbeteren, in hoeverre ga je dat dan voor het verleden rechtbreien? Aangezien de tegemoetkoming in beginsel is bedoeld voor het slachtoffer zelf, is de huidige keuze gemaakt.
De Asbestslachtoffers Vereniging Nederland en het Comité Asbestslachtoffers zijn geconsulteerd en waren te spreken over de uitwerking van de regeling.

Last but not least: een goede regeling valt of staat bij een goede uitvoering. Daarom zijn de SVB en het IAS vanaf het eerste begin betrokken. Met hun ervaring bij de uitvoering van de TAS-regeling hebben zij in korte tijd alle werkprocessen in orde gemaakt. Met het commitment van hun bestuurders is daar de afgelopen maanden extra prioriteit aan gegeven, waardoor het met ingang van deze maand zover is. Álle mensen met mesothelioom kunnen bij het IAS terecht voor het aanvragen van een tegemoetkoming op grond van een van de twee overheidsregelingen. Hoewel de slachtoffers hun gezondheid hiermee niet terugkrijgen, geeft dit naar verwachting een welkome blijk van maatschappelijke betrokkenheid bij hun leed.

Ilse Maas, december 2007